Reparatie van onze PM3264-scoop (deel 3)

Vorige week was onze scoop eigenlijk al klaar om te gaan testen, maar het was het einde van de schoolweek, dus moesten we de ontknoping nog een weekje uitstellen. Gezien de resultaten bij de eerste test leek de kans groot dat hij meteen zou werken.

Testen

Stip op het Scherm

Er verscheen een stip op het scherm

Er kwam wel een stip op het scherm. Maar we wilden natuurlijk een lijn zien.
Hoe moesten de leerlingen ooit de weg vinden tussen al die knoppen? Zeker als je nog nooit eerder met een scoop hebt gewerkt en niet weet wat je kunt verwachten, kan dat knap lastig zijn. Een handleiding hadden we ook niet. Trouwens: wie heeft er nog het geduld om een handleiding te lezen tegenwoordig?

Lijn op het Scherm

Met AUTO TRIGGER kregen we een lijn op het scherm

We hadden in elk geval een ingangssignaal nodig, maar we hadden geen functiegenerator of iets dergelijks bij de hand en om nou meteen aan het lichtnet te gaan meten, leek me wel een beetje te heftig. Gelukkig hoef je maar een draadje aan te sluiten op de ingang en een apparaat zal al een bromsignaal oppikken van het lichtnet, dus dat leek een goed begin. En we moesten zorgen dat de scoop getriggerd werd, dus voorlopig was de AUTO TRIGGER-functie het meest geschikt.

Toen we dan eindelijk beeld hadden, zagen we lang niet de nette sinusgolf, die je zou verwachten. We zagen een heel rommelig signaal met allerlei hoogfrequente componenten. Misschien is dat tegenwoordig gebruikelijk met al die mobiele telefoons en andere apparatuur in de buurt. Een mooie, zuivere sinusgolf zou uit didactisch oogpunt het meest geschikt zijn, maar die kwam er niet uit.

Gelukkig zijn er heel handige functiegeneratorapps beschikbaar voor mobiele telefoons. Via de koptelefoonuitgang kun je dan gewoon een heel net testsignaal aftappen om met je scoop aande slag te gaan. (Nog een reden om geen telefoon zonder audio-jack te kopen…)

Experimenteren

En zo kwamen dan eindelijk de eerste bruikbare beelden op het scherm. Erg stabiel waren ze nog niet, het leek er op, dat we vooral veel last hadden van vervuilde contacten in de schakelaars.

Sinus op het scherm

Nu kregen we een bruikbaar beeld te zien

We hebben de scoop nog een keer opengemaakt om te kijken of we de schakelaars misschien konden schoonmaken, maar dat bleek toch wel erg moeilijk: je kunt er niet bij! Er zit dus weinig anders op dan de schakelaars gewoon heel vaak heen-en-weer te draaien, dan worden ze op den duur wel schoon.

Een tweede signaalbron die we hebben onderzocht was een microfoon. (Eigenlijk was het een luidspreker, maar zoals bekend werken die net zo goed als een microfoon.) De leerlingen probeerden zo hard mogelijk geluid te maken om iets op het scherm te krijgen, maar een veel simpeler aanpak is natuurlijk om gewoon de gevoeligheid van de scoop groter in te stellen.

We zijn ook nog naar het muzieklokaal gegaan om de golfvormen van verschillende instrumenten te bekijken. Vooral bij de instrumenten die van nature geschikt zijn om aan te sluiten op een versterker (keyboard, gitaar) ging dat heel goed.

Conclusie

DOE040 heeft er een mooi meetapparaat bijgekregen met veel educatieve mogelijkheden!

Reparatie van een PM3264-oscilloscoop bij DOE040 (deel 2)

Voedingsprint met soldeerpistool

Een soldeerpistool hoort niet thuis in een elektronicalab.

We zijn vorige week verder gegaan met het repareren van onze PM3264-oscilloscoop. De voedingsprint lag klaar en we hadden een vervangende condensator. Even er in zetten dus… Maar wat is dat? Zie ik daar een soldeerpistool? Dat kan natuurlijk niet in een serieuze elektronicawerkplaats.

We hadden juist te horen gekregen dat er een budget beschikbaar is om in ons elektronicalab te investeren, en het was duidelijk wat we als eerste nodig hadden: een goede soldeerbout, en wel meteen!

Brigatti

En waar ga je naartoe als je meteen spullen nodig hebt? Niet naar AliExpress, niet naar Conrad en zelfs niet naar Reichelt. Je moet wezen bij de elektronicawinkel om de hoek… Dus bij Brigatti, één van de allelaatste echte winkels in zijn soort.

In de jaren zeventig, toen we nog geen Internet hadden, waren er veel van dat soort winkels. Je kon daar altijd collega’s en hobbyisten aantreffen, die maar al te graag ervaringen uitwisselden over hun projecten.

SoldeerstationDit was dus een heel mooie gelegenheid voor een interessante excursie voor de leerlingen. We zijn meteen in de auto gestapt en naar de Hobbemastraat gereden. En daar bleek dat deze jongens uit het goede hout gesneden zijn: ze vonden het een geweldige winkel! De eigenaar, die natuurlijk zelf achter de toonbank staat, had er duidelijk plezier in en hij gaf ons goede voorlichting over de verkrijgbare soldeerstations.

 

Tegenvaller

Terug op school gingen we de voedingsprint weer terug in de scoop zetten, maar we zaten nog met een los draadje: het bleek dat de vlakstekker van het kabeltje naar de hoogspanningscascade was afgebroken, in plaats van netjes losgemaakt. De print moest er dus weer uit en we moesten de connector repareren.

We moesten eerst de connector repareren.

Toen het apparaat eindelijk weer in elkaar zat, maar nog niet was dichtgemaakt, was het vier uur: einde van de schoolweek. We hebben het dus nog niet aangezet, dat komt de volgende keer…

 

Reparatie van een PM3264 oscilloscoop bij DOE040 (deel 1)

Afgelopen vrijdag toog ik, zoals elke week, naar de DOE-School in Veldhoven om techniekles te geven. In de catacomben van de school hadden we dinsdag een oscilloscoop gevonden. Vandaag was het plan om te kijken of we die aan de praat konden krijgen. Het leek mij een mooie kans om een reparatie-video te schieten, dus ik had mijn camera meegebracht.

PM3264

De PM3264 is een vierkanaals oscilloscoop met een frequentiebereik tot 100 MHz. Hij heeft verschillende triggermogelijkheden en een dubbele tijdbasis. Eigenlijk kan hij dus veel meer dan we voor eenvoudige proefjes nodig hebben, maar beter teveel dan te weinig natuurlijk!

PM3264

De PM3264 is een vierkanaals, 100MHz oscilloscoop.

Toen ik hem dinsdag aanzette, begon er maar één LEDje te branden en verder leek er niets te gebeuren, dus een reparatie zou wel nodig zijn. Volgens één van de leraren had hij vroeger wel gewerkt, maar hadden ze hem uitgerangeerd toen hij er op een dag mee ophield.

Verkennen

Nadat we het apparaat in het lab hadden gezet, en ik had uitgelegd dat een oscilloscoop een meetinstrument is, waarmee je het verloop van elektrische signalen in de tijd zichtbaar kunt maken, gingen de leerlingen op zoek naar de aan/uit-knop. Die zit natuurlijk bij de verlichtingsregelaar, links onder het scherm.

Tot mijn verrassing gebeurde er veel meer dan afgelopen dinsdag: er gingen veel meer LED’s aan en er was zelfs iets te zien op het beeldscherm. De beeldbuis was dus gelukkig nog in orde! De leerlingen begonnen al snel aan alle knoppen te draaien om een beter beeld te krijgen.

Magische rook

ER komt rook uit de scoop.

De magische rook begon te ontsnappen.

Toen hoorden we een krakend geluid. En er begon rook uit te komen. De stank was enorm. De scoop was onder onze handen bezig stuk te gaan! We hebben hem meteen weer uit gezet.

We hadden nu in elk geval een goede reden om hem open te maken. Gelukkig heeft Moeder Natuur ons uitgerust met uitstekende middelen om defecte apparatuur te onderzoeken: onze ogen, oren en neus. Geen vingers natuurlijk! Er kan nog hoogspanning in de condensatoren zitten…

Toen we de bovenkant open hadden, konden we duidelijk zien, waarom dit apparaat zo groot en zo zwaar was: het zat echt helemaal volgepropt met elektronica. Maar we zagen niets dat er verbrand uitzag. Daarna maakten we de onderkant open, maar ook daar geen spoor van een brandje.

Ook de achterkant bleek open te kunnen en daar troffen we een print aan, die bij het voedingsgedeelte leek te horen. Hij was er niet gemakkelijk uit te krijgen, maar we konden hem wel zover naar buiten schuiven dat we de componenten konden zien.

Een condensator… Natuurlijk!

Defecte condensator

Defecte condensator

En jawel: daar zat de boosdoener: een X2-condensator, een ontstoringscondensator, was uit elkaar gebarsten en had zijn omgeving bevuild met een vieze, donkerbruine vloeistof. We zijn erin geslaagd om die condensator eruit te halen, maar we hadden natuurlijk geen vervanger.

Volgende week kunnen we ermee doorgaan. Dit gaat dus weer een vervolgverhaal worden…

 

VDL Robotsports op de Eindhoven Maker Faire

Komend weekend staat VDL Robotsports weer op de Eindhoven Maker Faire met onze voetbalrobots.
Het plan is om twee belangrijke activiteiten te gaan doen:

  • Ten eerste willen we onze robots verdelen in twee teams, die dan tegen elkaar gaan spelen.
  • Ten tweede komt er een interactieve activiteit voor jongeren.

Twee tegen tweeoop

Robotvoetbal in de Mid Sized Leage wordt normaal gesproken gespeeld met twee teams van vijf robots: vier veldspelers en een keeper. VDL Robotsports beschikt over zes robots. Bij competities hebben we dus altijd één robot in reserve. Als we “tegen onszelf” willen spelen, komen we dus uit op twee tegen twee: twee teams, van elk twee veldspelers. Onze keeper is veel groter dan de veldspelers, dus het zou niet eerlijk zijn om drie tegen drie te spelen, met aan de ene kant drie veldspelers en in het andere team de keeper plus twee veldspelers.

Twee tegen Twee op ons “draagbare” wedstrijdveld

Eerlijk gezegd is het ons tot nu toe nog niet gelukt om dat spelletje van twee tegen twee succesvol uit te voeren. We hebben het vorig jaar een keer geprobeerd bij het Wiekentkunst-evenement in Moergestel en toen is het niet gelukt. Maar we hebben toen veel geleerd en ons team wil dit keer opnieuw die uitdaging aangaan, met de nieuwe kennis die we in Moergestel hebben opgedaan.

Het is niet gegarandeerd dat het dit keer wel gaat lukken, maar dat maakt het juist spannend!

Robot-workshop

Robot-workshop tijdens High Tech 2Discover

Robot-workshop

De tweede activiteit die op het programma staat is een interactieve workshop. Dat hebben we al vaker gedaan, onder meer op Girlsday, bij High Tech 2Discover en al een paar jaar op de Maker Faire. Maar ook op dat vlak hebben we in het afgelopen jaar nieuwe ervaring opgedaan en willen we dus meer doen dan vorig jaar mogelijk was.

De robots worden bij de workshop bestuurd via een zogenaamde REST-API, dat is communicatie via een Internet-protocol. De robots werken dan als servers en ze krijgen van de deelnemers opdrachten via het WiFi-netwerk. De deelnemers maken daarbij gebruik van Snap, een grafische programmeertaal. Snap is een variant op Scratch, wat heel vaak voor educatieve toepassingen wordt gebruikt.

Bij de workshops worden twee teams van deelnemers samengesteld, die elk één robot gaan besturen met behulp van Snap. Die robot moet dan, met een bal, een parcours afleggen en tenslotte de bal in het doel schieten.

STE(A)M-Educatie

STEM-Educatie bij DOE040

STEM-Educatie

STEM-educatie heeft niets met zangles te maken. De term is overgewaaid uit het Engelse taalgebied. STE(A)M-educatie is op dit moment een hot topic in het onderwijs. STE(A)M staat voor Science, Technology, Engineering, (Arts), and Mechanics. Of de “Arts” echt in dat rijtje thuishoren, daarover lopen de meningen nogal uiteen, maar als je met jonge mensen aan de slag gaat met de insteek om mooie dingen te maken, dan komt ook de kunst toch al snel om de hoek kijken. Dus daar staan we zeker voor open.

We hopen op de Maker Faire dus ook in contact te komen met mensen vanuit het onderwijs. Er is erg veel vraag naar technieklessen, maar er is weinig aanbod op dat gebied. Wij hebben daar iets te bieden: er is ervaring opgedaan met onze workshops en met STEM-educatie bij DOE040 in Veldhoven. Onze plannen op dat gebied zijn nog niet echt uitgekristalliseerd, maar dat biedt juist de mogelijkheid om in te spelen op de behoeften die er bij het onderwijs leven.

Bent u dus werkzaam in het onderwijs en op zoek naar mogelijkheden voor STE(A)M-educatie, kom dan vooral bij ons langs, zodat we contact kunnen leggen.

WordCamp Nijmegen 2018 (deel 3)

Op 30 augustus, 31 augustus en 1 september vond in Nijmegen WordCamp Nijmegen plaats. Voor de Nederlandse WordPress-community is dat dé plaats om elkaar te ontmoeten en ervaringen uit te wisselen.

Dit is het derde deel van het verslag over mijn ervaringen, opnieuw versierd met de fraaie cartoons van @StudioMIK. Zie ook deel 1 en deel 2.

Zondag 1 september

Eerst heb ik de stands van verschillende sponsors bezocht.

Om te beginnen ging ik kijken bij Yoast, waar ik een exemplaar van Yoast Magazine oppikte.

Daarna ging ik kijken bij Savvii, waar me nogmaals werd uitgelegd, wat de voordelen zijn van hun gespecialiseerde WordPress hosting. Ik kreeg nog een leuke sticker mee.

Bij de stand van Level Level vond ik heel mooie ansichtkaarten met tips over #a11y (accessibily = toegankelijkheid voor mensen met een beperking). Ze hebben zeven verschillende en ik kreeg meteen een zorgvuldig geselecteerd stapeltje in handen gedrukt, zodat ik de hele collectie had. Tips voor accessibility zijn nuttig voor elke website, want ze maken je site ook beter bruikbaar voor mensen die geen beperking hebben, en voor Google, dus het verbetert je SEO!

Bij de stand van Plesk vroeg @CaroleOlinger me, of ik iets met sokken had. “I wear them”, bekende ik fluisterend. Gelukkig vond ze dat helemaal niet raar en gaf me een paar #ElvisPlesky-sokken mee.

Natuurlijk bezocht ik ook de stand van MultiLingualPress. Meertalige websites zijn tenslotte één van mijn favoriete onderwerpen. Daar leerde ik dat je versie 2 van MLP gratis kunt downloaden om deze plugin uit te proberen. Dat heb ik wel op mijn TODO-lijstje gezet…

Hoe het begon: Pay It Forward met WordPress

Als eerste bezocht ik de voordracht van Paula van Gestel, @Paula_vG. Ze kwam met een heel persoonlijk verhaal. Op het eerste gezicht zou je denken dat dat niet past binnen een WordCamp, maar dat was wel degelijk het geval.

Het centrale thema was Pay It Forward, dat betekent dat mensen een dienst verlenen, zonder dat ze daarvoor betaald hoeven worden. Daarbij geldt dan wel de afspraak dat degene die van die dienst profiteert, zelf ook weer anderen gaat helpen onder vergelijkbare voorwaarden. Daar profiteert uiteindelijk iedereen van… En dat sluit dus weer precies aan bij de Open Source-filosofie van WordPress. Ze gaf daar heel goede voorbeelden van.

Meer lezen: https://payitforwardnederland.wordpress.com/

Een analyse van onderbelichte risico’s van informatielekken in WordPress

Niels de Blaauw, @NdeBlaauw, vertelde over een onderzoek dat hij had gedaan bij 66.000 van de grootste WordPress-sites. Daar hoefde hij trouwens niet voor uit zijn bureaustoel te komen, want dankzij de REST-API kun je vanaf je toetsenbord gemakkelijk allerlei informatie aan WordPress-sites ontfutselen.

83% van de geïnfecteerde sites draaide op WordPress

83% van de geïnfecteerde sites draaide op WordPress

Het was echt schrikken om te horen hoeveel informatie je uit WordPress kunt halen met behulp van de REST-API. Toch wel vreemd dat ons wordt aangeraden om XML-RPC dicht te zetten, terwijl de REST-API vergelijkbare mogelijkheden biedt.

Natuurlijk heb ik gevraagd of je die enge REST-API ook kunt dichtzetten. En dat blijkt mogelijk. Tot WordPress versie 4.7 waren er zelfs ingebouwde filters waarmee je dat kunt doen, maar tegenwoordig kan het nog steeds, met een plugin, bijvoorbeeld Disable REST API.

Wat taalwetenschappers kunnen betekenen voor jouw SEO

Er waren twee talks die over taal gingen, natuurlijk mocht ik die niet missen. De eerste werd gepresenteerd door Irene Strikkers, @IreneStrikkers van Yoast.

Ik was werkelijk verbaasd om te horen hoeveel taalwetenschappers er al bij Yoast werken. Maar het is heel terecht dat Yoast gebruik maakt van de kennis van deze mensen. Dat geldt vooral voor de steeds verbeterende tekstanalyse die de Yoast SEO-plugin uitvoert.

De tekstanalyse werkt niet even goed voor alle talen. Het was dus niet voor niets, dat ik vorig jaar mijn leerlingen die Turkse websites bouwen heb aangeraden om verschillende versies van hun sleutelwoorden uit te proberen als focus keyword. “su” betekent “water” in het Turks, maar Yoast SEO heeft geen idee dat “suda” betekent “in het water” en “suden” “uit het water”.

Aan dat soort dingen wordt gewerkt, steeds meer talen worden op die manier ondersteund. Jammer genoeg heb ik niet kunnen vinden welke talen nou precies wel en welke niet met die geavanceerde analyse worden ondersteund. Totdat Irene me dat vertelde: de ondersteunde functies per taal zijn te vinden in de Yoast-knowledge base. Maar de gebruikersinterface van de Yoast SEO-plugin is wel naar alle talen vertaald, dat is al een goed begin.

Meer lezen:
http://bit.ly/b1schrijftips
http://bit.ly/leesbaarheidrankt
http://bit.ly/leesbaarheidsanalyse
http://bit.ly/tekststructuur
http://bit.ly/hoelezersscannen
http://bit.ly/copywritingcursus
http://bit.ly/writeplainenglish

Copywriting: zo laat je je websitebezoekers doorlezen

De tweede taalkundige die ons toesprak was NinaRosa Juffermans. Ze slaagde er in elk geval in, om ons te laten doorluisteren. Haar verhaal ging niet alleen over taal, maar ook over marketing. Want dat is copywriting: schrijven om je doelgroep te overtuigen.

Daarbij gelden alle tips om gewoon goed Nederlands te schrijven. Toch fijn om te zien dat er nog jonge mensen zijn die weten wanneer je een t moet schrijven of een d. En die het belangrijk vinden of je woorden aan elkaar schijft of los.

Bij het uitleggen van wat copywriting is, maakte ze gebruik van Mentimeter (www.mentimeter.com), een interactief online tool. De aanwezigen konden via hun telefoon invoeren, waar ze aan dachten bij copywriting.

Ze had tips om je te richten op je doelgroep, maar ook duidelijke voorbeelden uit de praktijk van veelgemaakte fouten, met advies over hoe die te verbeteren.

Meer lezen: www.ninarosadenkfabriek.nl

Mike’s Personal Branding Workshop

Ook vandaag wilde ik de handen uit de mouwen steken, en net als gisteren bij een onderwerp dat me niet van nature gemakkelijk afgaat: Personal Branding.

Mike Rynart, @MikeRynart, vertelde hoe een krachtig, eenduidig persoonlijke beeld (ik probeer het maar in het Nederlands te zeggen) je kan helpen om meer klanten te bereiken, je doelgroep helder te krijgen en een verleidelijke, opvallende boodschap te brengen.

Waarom heb je dat nodig? Hoe maak je een eenvoudige boodschap, die mensen begrijpen? En wat moet er dan op je website staan? Al ben ik dan geen ster in mezelf verkopen, ik vind dit soort workshops wel altijd inspirerend. En alles wat ik ervan kan opsteken is mooi meegenomen.

Ook bij deze workshop kwam Sinek’s “Start with Why” weer om de hoek kijken. Het is een verhaal waar erg veel goeroes en coaches steeds weer op teruggrijpen. Toen ik er voor het eerst van hoorde, was ik ook heel enthousiast, maar ik ben er toch aan gaan twijfelen.

Waarom doe je zaken? Het eerlijke antwoord is natuurlijk dat je in je levensonderhoud moet voorzien, maar dat is niet wat Sinek wil horen. Er moet een hoger doel genoemd worden.

In werkelijkheid zou ik ook  graag altijd bezig zijn met maatschappelijk relevante zaken, maar als ik dan niks meer te eten heb en ik kan mijn hypotheek niet betalen, dan houdt dat filantropische werk natuurlijk al snel op.

Er was in deze workshop erg veel aandacht voor Instagram, een sociaal medium waar ik gelukkig nog niet op zit. Het was wel interessant om er meer over te horen

Meer lezen: https://mikerynart.com/

0.6 seconds is the new slow

The time your site needs to loadDe laatste keynote op deze WordCamp werd verzorgd door Jono Alderson, @jonoalderson. Jono is digitaal strateeg, marketing-technoloog en full-stack-ontwikkelaar met meer dan tien jaar ervaring in SEO, analytics, merk- en campagnestrategie enzovoort…

Wie dacht om bij deze laatste voordracht een beetje te kunnen uitrusten van alle indrukken van de afgelopen dagen, kwam bedrogen uit! Jono’s verhaal ging over de snelheid van websites. En, helemaal in stijl, praatte hij razendsnel, waarbij de slides elkaar in een heel hoog tempo opvolgden. Ik kon er echt van genieten als van een vorm van theater.

Find the slow stuffMaar  intussen kwam wel de boodschap over, tenminste, ik hoop dat ik het begrepen heb: er is niet één ding dat je kunt doen om je website als bij toverslag te versnellen. In tegendeel: er zijn honderden kleine dingetjes die je kunt doen, en die dragen allemaal bij. Het is belangrijk dat je tools gebruikt om te meten wat er echt gebeurt bij het laden van je pagina’s. Als je dat weet, kun je gericht gaan optimaliseren.

 

Meer lezen: https://www.jonoalderson.com/

 

WordCamp Nijmegen 2018 (deel 2)

Op 30 augustus, 31 augustus en 1 september vond in Nijmegen WordCamp Nijmegen plaats. Voor de Nederlandse WordPress-community is dat dé plaats om elkaar te ontmoeten en ervaringen uit te wisselen.

Dit is het tweede deel van het verslag over mijn ervaringen.

Het was me op de Contributors Day al opgevallen dat er iemand zat te tekenen, maar het werd me pas later duidelijk waarom dat was: Maikel Verkoelen van  @StudioMIK heeft de sessies van dit WordCamp op onnavolgbare manier vastgelegd in cartoons. Hij heeft me toestemming gegeven om dit verslag hier en daar te verluchtigen met gedeelten van die cartoons.

Zaterdag 31 augustus

Op de tweede dag ging het pas goed van start: lezingen, workshops, standjes van de sponsors… Heel jammer dat je niet bij alle presentaties kunt zijn. Het is erg nuttig om van te voren te plannen waar je naartoe wilt gaan.

The Privacy Paradox: We all need to start acting

De eerste keynote was van Robert-Jan Budding, internationaal marketeer bij Savvii.

Een bekende uitspraak is: “Ik maak me geen zorgen over privacy, want ik heb niks te verbergen.” Dat is natuurlijk wel erg kortzichtig. En heb je werkelijk niks te verbergen? Als je 24/7 in de gaten wordt gehouden, dan ga je wel anders denken.

We kunnen het niet aan!En het gaat steeds verder. Weet jij wie er allemaal data over je heeft en wat die daarmee doet? We geven allemaal toestemming voor het gebruik van onze gegevens, zonder de voorwaarden echt  te lezen. Waarom is dat toch? We kunnen de consequenties niet overzien, we kunnen het niet aan!

I feel I can trust you.

Vroeger was privacy overzichtelijk. Als je iemand in het echt ontmoet, kun je aanvoelen of die persoon te vertrouwen is. Als je je voordeur dichtdeed had je privacy, maar nu staan we wereldwijd in allerlei databases. Het vertrouwen dat je kunt krijgen door rechtstreeks menselijk contact is er niet meer.

Als je denkt dat je niets te verbergen hebt, doe je jezelf tekort. Om creatief te zijn moet je de ruimte hebben om te experimenteren en om fouten te maken.

Het is dus belangrijk dat bedrijven en organisaties zorgvuldig omspringen met de gegevens die hun klanten, leden, lezers of deelnemers met ze willen delen. De website speelt daar een belangrijke rol in, dus wij, WordPressers, moeten daar op letten!

Meer lezen: Future Crimes van Mark Goodman

Why site structure is important for SEO

De tweede spreker in de main track was Marieke van de Rakt, @MariekeRakt, mede-eigenaar van Yoast.

Marieke begon met een anecdote over Alice. Alice schrijft graag verhalen. Ze schrijft er elke dag één. En daarna gooit ze ze op de grond. Na drie jaar heeft ze meer dan duizend artikelen geschreven en die liggen allemaal door elkaar, op de grond. Hoe moet ze die ooit nog terugvinden, als ze naar een bepaald verhaal wil zoeken? Ze was vergeten om structuur aan te brengen.

Ook voor anderen, en voor Google, is het belangrijk om structuur aan te brengen. Je maakt die structuur door links aan te brengen. Google volgt links. Hoe meer links een pagina krijgt, hoe belangrijker hij is. Zo wijs je Google de weg, en ook je bezoekers.

Haar verhaal riep bij mij een vraag op: moeten we wel linken naar posts? Ik wil de bezoekers vooral naar mijn pagina’s leiden. Haar antwoord: “Een lastige vraag… Ja, toch wel, ook je posts verdienen een paar linkjes.

Meer lezen: https://yoast.com/author/marieke/

A Marketer’s Guide to Developing Empathy (for Developers)

Na Marieke betrad Bridget Willard, @YouTooCanBeGuru, het podium. Zij is marketing consultant en wordt in de hele wereld gevraagd als keynote speaker.

Voordat de voordracht begon, kwam er nog een ontwikkelaar vragen of deze talk wel echt gericht was op ontwikkelaars, want dat was uit de titel niet meteen duidelijk. Ontwikkelaars hebben moeite met marketing, en met andere “soft skills”, maar is marketing wel zo soft? Volgens Bridget niet: het is een wetenschap!

Bridget Wllard says Marketing is a scienceHet gaat er vooral om, dat je je potentiële klanten ècht gaat begrijpen. En dat doe je door ze te ontmoeten. Ze haalt het voorbeeld aan van Dian Fossey, die gorilla’s bestudeerd heeft, door samen met ze te gaan leven. Ze gedroeg zich net als de gorilla’s en werd daardoor volkomen geaccepteerd in de groep. Doe hetzelfde: onderzoek waar je klanten elkaar ontmoeten en ga met ze meedoen.

Meer lezen: bridgetwillard.com

The Eternal Struggle: Backward Compatibility VS Technical Debt

Backward Compatibility: a two-edged swordAlain Schlesser, @schlessera, is freelance software engineer, WordPress consultant en ondernemer uit Duitsland.

Zijn verhaal ging vooral over technical debt. Technical debt is een verlies aan software-kwaliteit dat zich in de loop van de tijd opbouwt vanwege de onprettige ontwerpkeuzes die je wel moet maken, zelfs als je verstandig bezig bent. Van die vragen, waar je NEE op zou willen antwoorden, maar waar je wel JA op moet zeggen. Zeker bij WordPress is dat  een probleem, omdat er alles aan gedaan wordt om de software backwards compatible te houden met eerdere versies.

Een goede manier om uit te leggen hoe dat werkt met technical debt is het technical debt quadrant. Hier wordt op twee assen uitgezet hoe je daarmee kunt omgaan en wat de oorzaken zijn.

In elk geval geldt, net als wanneer je een schuld in geld hebt, dat je rente betaalt: je betaalt rente in de vorm van extra werk dat je moet doen om om te gaan met de problemen in je software. Daardoor wordt het onderhoud steeds moeilijker en wordt het steeds lastiger om nieuwe functies toe te voegen.

Backward Compatibility cause TEchnical DebtEen grappig detail is, dat zelfs de bugs in je oude versies veranderen in features als je backwards compatible wilt blijven: er wordt van alles gebouwd dat samenwerkt met jouw software en erop rekent dat die software bepaald gedrag vertoont.

Don’t fix it…

Ik zal nooit vergeten hoe ik op een keer een spelfout verbeterde in een programma, waardoor een heel ander programma opeens niet meer werkte: dat verwerkte de output van het programma dat ik had aangepast en het werkte alleen als het die output kreeg MET spelfout!

Meer lezen:

 

Browser APIs: the unknown Super Heroes

De volgende sessie die ik bezocht, werd gepresenteerd door Rowdy Rabouw, @RowdyRabouw, een webontwikkelaar met meer dan twintig jaar ervaring in HTML,CSS, JavaScript en PHP.

Hij vertelde over allerlei API’s die in veel browsers zijn ingebouwd. Het gaat vooral over functies om te werken met de hardware van je apparaat. Hij had het over de Geolocation-API, de Battery status-API, de Device memory-API, de Web audio-API, de Media capture and streams-API, de Vibration-API, de Page visibility-API, de Online offline status-API, de Speech synthesis-API en de Speech Recognition-API.

Hij had bij vrijwel alle API’s wel een demonstratie en hij had zelfs een robotje meegebracht, dat via de Bluetooth-API op afstand te besturen was, ook door het publiek!

Who is afraid of the Business Plan?

Het was tijd om aan het werk te gaan: Francesca Marano, @FrancescaMarano, gaf een workshop over het opstellen van een business plan. Ik heb een bloedhekel aan businessplannen, maar ik ben best bereid om mijn leven te beteren. Als iemand een goede manier weet…

Toen Francesca haar bedrijf startte in 2011 ging ze zonder bedrijfsplan aan de slag. Officieel was ze web-designer, maar ze deed van alles en nog wat. Ze wist ook een heleboel geld uit te geven, zodat het hele bedrijf na acht maanden over de kop ging. En ze had veel meer uitgegeven dan omzet gemaakt.

Later begon ze opnieuw, nu met een business plan en volgens haar kun je van elk bedrijf een succes maken, als je je maar voldoende richt op een specifieke markt en werkt met meetbare doelen en een heldere strategie.

Het ging om een workshop die oorspronkelijk een hele dag zou duren, maar ze had hem ingekort tot drie uur. En dat had ze weer ingekort tot anderhalf uur om het hier te presenteren. Dat werd dus opschieten!

Francesca heeft een heel eigen aanpak voor het maken van een business-plan. Geen tabellen en grafieken, maar kleurpotloden, viltstiften stickers en tekenpapier. We wilden een “right brain business plan” maken.

Start with Why

Een plan op basis van je eigen waarden… Je raadt het misschien al: ze verwees naar het boek van Simon Sinek: “Start with Why”. Je komt dat tegenwoordig overal tegen en toen ik er in 2012 voor het eerst kennis mee maakte, was ik heel enthousiast. Maar in al die zes jaar heb ik het nog niet op mijn bedrijf weten toe te passen. Misschien zou ik dat vandaag kunnen leren?

Francesca had de basis voor haar eigen business plan gelegd tijdens een bootreis. Ze zat zes uur op een veerboot, zonder afleiding en kon er dus rustig aan werken. Ze had haar plan ook meegebracht. Het was heel kleurrijk en had dikke pagina’s, zoals een boek voor kleine kinderen. De inhoud was gedeeltelijk in het Engels en gedeeltelijk in het Italiaans. Misschien had ik wel anderhalf uur kunnen doorbrengen met het bestuderen van dat plan, maar dat was niet de bedoeling, het ging rond in de klas.

En natuurlijk is het plan van iemand anders ook niet wat je hebben moet, je eigen business-plan is iets strikt persoonlijks, dat nou net vertelt hoe en waarom jij anders bent dan al die anderen die hetzelfde lijken te doen.

Ik denk dat we veel meer hadden kunnen leren, als er meer tijd was geweest.

Meer lezen: https://francescamarano.com/

Een online leeromgeving met WordPress en LearnDash

Terwijl ik bij de workshop zat, miste ik helaas de presentatie van Rosanne van Staalduinen over LearnDash. Ik ben erg geïnteresseerd in eLearning en heb in het verleden veel educatieve websites gemaakt met ATutor. Juist nu de toekomst van ATutor onzeker is, zou ik meer over de alternatieven moeten weten.

Ik hoop dat deze sessie snel beschikbaar komt op WordPress.tv…

 

WordCamp Nijmegen 2018 (deel 1)

Op 30 augustus, 31 augustus en 1 september vond in Nijmegen WordCamp Nijmegen plaats. Voor de Nederlandse WordPress-community is dat dé plaats om elkaar te ontmoeten en ervaringen uit te wisselen.

De WordPress-community is een plaats waar iedereen, ongeacht geslacht, geaardheid, beperking, etniciteit, religie, voorkeur in operating system, programmeertaal of favoriete teksteditor, zich welkom kan voelen.

Natuurlijk delen ze allemaal minstens één grote passie: WordPress!

Er is daar teveel moois gebeurd om het allemaal in één artikel te bespreken, dus ik maak er een mini-serie van. Dit is het eerste deel.

Contributor day

Bij eerdere WordCamps had ik nooit de contributor day meegemaakt, maar ik heb nu gezien dat dat iets is dat je niet mag missen. En niemand hoeft bang te zijn dat hij/zij/hen geen zinvolle bijdrage kan leveren, want zoals Taco Verdonschot het heel raak zei in zijn openingsspeech: “Je hoeft vandaag helemaal niet productief te zijn. Het is vooral ook de bedoeling om te leren hoe je, na vandaag, thuis, wel een bijdrage kunt gaan leveren.”

Polyglots

Al gauw zat ik aan een lange tafel met acht andere vertalers, allemaal bezig on stringetjes te vertalen van het Engels naar het Nederlands. Hoe dat in zijn werk gaat, bleek helemaal niet moeilijk te leren. Er is een overzichtelijke gebruikersinterface, waarmee je al binnen een paar minuten aan de slag kunt als je wilt vertalen.

Acht vertalers aan een lange tafel

Polyglots at work

Maar toch denk ik dat dat een hoop efficiënter kan dan het nu gaat. Je ziet de strings die je moet vertalen niet in de context waar ze vandaan komen. En als dezelfde tekst keer op keer terugkomt, kun je geen gebruik maken van een vertaalgeheugen om een heleboel werk te besparen. Ik denk dat de makers van deze gebruikersinterface zich niet voldoende hebben verdiept in het vak van vertaler. Misschien kan ik me ook aansluiten bij de groep die de software voor de vertalers maakt…

Vatbaar voor herhaling

Bij volgende WordCamps ga ik me zeker ook aanmelden bij de Contributor Day. Ik kan het iedereen aanraden. Zo’n dag geeft je heel sterk het gevoel dat je deel uitmaakt van de grote community van WordPress-gebruikers! Misschien ga ik me een volgende keer juist aansluiten bij een andere groep dan de vertalers: dat is een ideale gelegenheid om ook iets over andere disciplines te leren.

 

Rijkswaterstaat in het nauw door vertaling

De rel die vorige week ontstond rondom de vrijwilligersverklaring van Rijkswaterstaat, was veroorzaakt door een onzorgvuldige vertaling.

Vrijwilligersverklaring

In EenVandaag zagen we vorige week hoe de vrijwilligers, die na de olieramp in het Botlekgebied kwamen helpen om de watervogels die besmeurd waren met olie schoon te maken, een contract onder de neus geduwd hadden gekregen. Er stond in deze “Vrijwilligersverklaring” dat ze RWS niet aansprakelijk konden stellen voor eventuele gezondheidsschade.

Onwettig

“Belachelijk, immoreel en onwettig”, “stelden letselschadespecialisten en de Vereniging Nederlandse Organisaties Vrijwilligerswerk (NOV) tegen EenVandaag. Er gelden duidelijke regels voor veilige en gezonde arbeidsomstandigheden voor vrijwilligers. (En zoals bekend is, zijn contracten die in strijd zijn met de wet automatisch ongeldig. Voor de rechtbank zou RWS met dit document geen schijn van kans maken.)

Excuus

Rijkswaterstaat verklaarde daarop dat de Vrijwilligersverklaring nooit had mogen worden uitgedeeld. “Dat was amateuristisch, had niet gemogen. Wij nemen onze verantwoordelijkheid en als mensen problemen hebben gekregen of letsel hebben opgelopen, dan kunnen ze bij ons terecht”, aldus woordvoerder Maurijn van Witsen van Rijkswaterstaat tegen EenVandaag.

Vertaling

Van Witsen legde ook uit, dat het contract “met stoom en kokend water” in elkaar was gedraaid en vertaald was uit het Engels. Dat was een interessante opmerking: blijkbaar hadden ze een vertaler aan het werk gezet die geen verstand van juridische zaken had. Daar blijkt maar weer eens uit, dat je altijd moet werken met een vertaler die inhoudelijke kennis heeft van het onderwerp van een tekst. Dat wordt veel te vaak over het hoofd gezien. Vaak gaat dat goed, maar soms zijn de gevolgen ernstig, zoals ook in dit geval.

Die Angelsaksen toch

Er blijkt ook uit, dat in het Angelsaksische taalgebied mensen er blijkbaar minder toe doen dan hier, op het vasteland van Europa. Het blijkt wel vaker dat daar toch anders over dingen wordt gedacht dan bij ons.

Als je bijvoorbeeld persberichten of advertorials van bedrijven onder ogen krijgt, schrik je vaak van de brallerige zelfpromotie die daar blijkbaar gebruikelijk is. In Nederland ziet iedereen de koddigheid van een reclametekst als “Wij van WC-Eend adviseren WC-Eend.”, kom je dergelijke taal regelmatig tegen. Bij het vertalen naar het Nederlands moet dat echt worden aangepast, anders nemen de lezers het bericht niet serieus.

Conclusie

Laat vertaalwerk altijd doen door iemand met verstand van zaken. Gaat het om juridische zaken, zoek dan een juridisch vertaler. Gaat het om techniek, zoek dan een technisch vertaler. Dat voorkomt dit soort ongelukken.

 

Gebarentaal voor technici

Gebarentaal maakt het voor doven mogelijk om met elkaar te praten. Maar soms zijn er nog geen gebaren voor de dingen die je wilt zeggen. Daar wordt hard aan gewerkt: American Sign Language wordt door ASLCore uitgebreid om communiceren over specialistische vakgebieden, zoals computertechniek, literatuur en filosofie mogelijk te maken.

Op de website Inside Higher Eduacation verscheen afgelopen week een artikel over ASLCore, een project van het National Technical Institute for the Deaf (NTID) dat is opgezet om de gaten in het ASL-woordenboek op te vullen. Het project is in 2014 opgezet door drie doventolken bij het Rochester Institute of Technology.

Ingenieurs met een communicatieprobleem

Vocabulaire in Franse gebarentaal

Vocabulaire in Franse gebarentaal. Bron: Wikipedia

Mel Chua en Ian Smith zijn beide doof. Ze waren op de middelbare school bevriend geraakt omdat ze allebei dol waren op computers en “andere geeky dingen”. Het is dan ook geen wonder dat ze allebei een technische studie gingen doen. Toen ze elkaar jaren later weer ontmoetten, hadden ze allebei gebarentaal (ASL) geleerd. Ze vonden het geweldig om met elkaar te kunnen praten, totdat ze over hun werk wilden praten. Er waren gewoon geen gebaren voor de simpelste begrippen waar ingenieurs dagelijks mee te maken hebben!

Ze hebben zich nu als computerdeskundigen aangemeld bij ASLCore, waar ze gebaren bedenken voor computertermen waar nog geen ASL-gebaren voor bestaan. Aan het begin van een jaarlijkse, twee weken durende, workshop bij het NTID, presenteren ze een lijst van zo’n 150 woorden die waarschijnlijk nodig zijn voor een inleidende cursus in de computertechniek. In overleg met het team van tolken wordt er dan bepaald welke gebaren uiteindelijk op de website gaan komen.

Chua probeert de vertalingen zo praktisch mogelijk te houden. Zo vond ze bijvoorbeeld dat het teken voor ‘sensor’ met één hand moest worden gemaakt, omdat een technicus vaak een stuk gereedschap in de andere hand zou hebben.

Andere disciplines

Hetzelfde proces wordt gevolgd voor alle andere disciplines. Er wordt bij ASLCore zorgvuldig voor gezorgd dat de dovengemeenschap volledige zeggenschap heeft over de vertalingen. Alleen de dove medewerkers bedenken de gebaren en hebben het laatste woord in welke er op de website komen te staan.

Het woord werkwoord in Franse Gebarentaal

Het woord werkwoord in Franse Gebarentaal. Bron Wikipedia

Elke discipline kent zijn eigen uitdagingen. Vooral filosofie was erg moeilijk voor het team van ASLCore. Het kan enorm lastig zijn om niet-stoffelijke dingen weer te geven in een driedimensionale lichaamstaal. Ook bij de computerkunde ontbraken volgens Chua echte basisbegrippen, zoals “code” en “prototype,” die moeilijk te vertalen zijn, juist omdat ze zo eenvoudig lijken.

Ook voor letterkunde en kunstgeschiedenis was er grote behoefte hadden aan een grotere ASL-woordenschat, vertelde Ruth Anna Spooner, een doventolk van ASLCore. Er zijn namen van literaire stromingen en tijdperken, zoals de Romantiek of de Victoriaanse tijd, namen van auteurs zoals Dostojevski, Twain, Dickens, Austen enzovoort en namen van personen die voorkomen in literaire werken. Als mensen over een boek of een toneelstuk wilden discussiëren, moesten ze de hele tijd de naam van de auteur spellen met hun vingers. En als iemand sprak over een persoon in het verhaal, dan moesten ze ook die naam steeds spellen.

Open voor verandering

Het proces van ASLCore is flexibel. Soms worden gebaren opnieuw bekeken en aangepast.
“Soms krijgen we feedback… dat een gebaar niet werkt,” zei Spooner. “Soms is dat omdat het te lang duurt om het gebaar te maken. Dat was bijvoorbeeld het geval met enkele van de filosofische tekens. Soms blijken ze niet goed te passen bij het begrip dat ze uitdrukken. Waar mogelijk heroverwegen we het gebaar dan en passen we het aan.”

In het kader van dit project moet het team ook tegengas geven tegen vooroordelen over ASL in de academische wereld.

ASL-gebaar voor werkwoord

ASL-gebaar voor werkwoord. Bron: ASLCore

“Soms houden mensen nog steeds vast aan de overtuiging dat Engels op één of andere manier superieur zou zijn aan ASL voor het onderwijzen van wetenschappelijke onderwerpen en daarom bekritiseren ze ons project,” zei Spooner. “Het is een traag proces om zulke diepgewortelde vooroordelen uit de weg te ruimen.”

ASLCore’s website bevat een woordenboek van gebaren met videodemonstraties en beschrijvingen van elk gebaar. Er zijn technische termen bij, zoals verbneurondecodetorque en portrait; veelgebruikte namen, zoals René DescartesFrida KahloMr. Darcy en Lord Voldemort; en een (terecht) ingewikkeld gebaar voor supercalifragilisticexpialidocious.

Conclusie

Als je je in gebarentaal verdiept gaat er werkelijk een wereld voor je open. En omdat elk land weer een eigen gebarentaal heeft, zijn er nog veel meer talen te leren dan je misschien dacht. De internationale index van talen onderscheidt 130 gebarentalen van dovengemeenschappen.